Leerdam

 

Op deze pagina willen we u wat informatie geven over de gemeente Leerdam. Met name wat algemene informatie en iets vertellen over de geschiedenis van Leerdam. Meer informatie kunt u vinden op de website van de gemeente Leerdam

 

Leerdam is een gemeente met ongeveer 20.000 inwoners op een oppervlakte van circa 3518 hectare. De gemeente bestaat uit de kernen Schoonrewoerd, Kedichem en Leerdam.

 

Leerdam is centraal gelegen tussen de snelwegen A2, A15 en A27 en is dus vanuit alle richtingen goed benaderbaar.

 

 

Gemeentelogo Leerdam

Glazen kubus

Leerdam is zeer landelijk gelegen met aan de ene kant het polderlandschap van de Alblasserwaard en aan de andere kant de Betuwe met z'n fruitteelt.

 

Leerdam is internationaal bekent door de Leerdammer kaas en door de glas- en kristalproductie. Dit is ook in het straatbeeld duidelijk terug te zien

 

 

Van heerlijkheid en graafschap
Eens was Leerdam een stad naar alle vier de windstreken door muren, wallen, water, en poorten omringd. Wanneer Leerdam dit predikaat stad ontving is tot op heden niet bekend. Aan de Lingekant verhief zich een kasteel, dat opmerkelijk genoeg niet binnen de muren gebouwd was, maar deel van de vesting uitmaakte. Het kasteel met zijn torens, de muur, de bolwerk, muizentorens en niet minder dan drie poorten moeten voor de reizigers over het water een fraai beeld gevormd hebben. Hoewel kasteel en poorten allengs verwoest of gesloopt zijn, valt met een beetje fantasie het oude silhouet op de thans gerestaureerde Zuidwal nog wel op te roepen. De eerste heren die we met dit gebied in verband kunnen brengen zijn die van Van der Leede. De oudste vermelding van dit geslacht dateert uit 1143. Leerdam wordt echter pas eerst in 1284 in de oude akten vermeld. Uit het geslacht Van der Leede komt het bekende geslacht der Arkels voort. De laatste Van Arkel overlijdt in 1428 en wordt in Leerdam begraven. In een zeer roerige tijd weten de Van Egmonds de heerlijkheid van Leerdam in bezit te krijgen. Eén van hen, Frederik, wordt in 1498 graaf van Leerdam en de heerlijkheid wordt een graafschap. Als prins Willem I van Oranje in 1551 met Anna van Egmond huwt, gaat het graafschap van Leerdam met dat van Buren tot de soevereine bezittingen van de Oranjes behoren. Daarmee verwierf leerdam zich een bijzondere positie. De inwoners betaalden geen belasting aan de Staten van Holland en zonder vergunning van de prins mocht geen krijgsvolk worden gelegerd. De keuze in 1573 voor de Hervorming kwam de stad duur te staan. Tegen een belegering van de Spanjaarden was zij niet bestand. Het kasteel werd verwoest en de bevolking moest tevens met lede ogen aanzien hoe drie mannen zonder enige vorm van proces werden opgehangen. Met de inval van de Fransen in 1795 kwamen aan de bijzondere positie van het graafschap een einde. De band tussen het Oranjehuis en de gemeente Leerdam is echter gebleven, want nog steeds is onze
landsvrouwe gravin van Leerdam.


Kijken naar het verleden
Op de plaats waar ooit het kasteel zijn stempel op het stadsbeeld drukte verrees in 1770 een behuizing van geheel andere aard. Het verschil zit zeker niet in de uiterlijke schoonheid, want nog steeds raken dagelijks vele bezoekers onder haar bekoring. Nee, het verschil betreft de welstand van de bewoners. Achter de oude vestingmuur verrees dankzij de erfenis van ene Maria Ponderus van Aerden een hofje: het Hofje van Mevrouw van Aerden -in Leerdam Het Hofje -.Het Hofje van Mevrouw van Aerden is bestemd voor alleenstaande dames en aan die bepaling van het testament is nimmer getornd. Wel is inmiddels een trouw- en raadzaal voor de Gemeente ingericht, terwijl de regentenkamer met haar zeldzame schilderijencollectie en de achtertuin voor het publiek toegankelijk werden. Schuin tegenover het Hofje bevindt zich 't Poortje, het enige restant van het voormalige Drossaardshuis. Het zestiende-eeuwse pand bood ooit onderdak aan Wilhelmina van Pruisen tijdens haar historische tocht naar en van Goejanvervvellesluis. Van hoge ouderdom is ook de Grote Kerk. Bijna zeven eeuwen luiden de klokken in dezelfde toren de samenkomst der gelovigen in. Geheel vernieuwd, maar wel ter herinnering aan een voorbij verleden is de Loods Holland. De voormalige houtloods die thans eenzaam aan de oever van de Linge staat, werd in de tachtiger jaren nog door vele soortgenoten omringd. Wat eens als een houtzaag- molen op het bolwerk begon, groeide in twee eeuwen tot een om- vangrijke houtindustrie uit. Deze is in de jaren tachtig opgehouden te bestaan. De loods Holland is wel opnieuw in gebruik genomen als glascentrum Leerdam, waar gedurende de zomermaanden het ambacht glasblazen te zien is.
Zo zijn er nog tal van gebouwen plekjes die aan de oude Leerdamse glorie herinneren. Wie van geschiedenis houdt kan het hart in het museum Het Oude Raadhuis (Kerkstraat 18) ophalen of van de historische stadswandeling genieten die bij de VVV verkrijgbaar is.

 

Leerdam glasstad
Van heerlijkheid tot graafschap was een niet geringe overgang, maar van graafschap tot industriestad bleek een grotere stap. Met de vestiging van de eerste glasblazerij in 1765 werd een schier onuitwisbaar stempel op Leerdam gedrukt. Immers tot op heden staat Leerdam internationaal als Glasstad bekend. Dankzij het vooruitstrevende idee om glasblazer en kunstenaar te laten samenwerken kwamen vanaf 1915 unieke kunstwerken tot stand, de zogenaamde unica's.

 

Glasblazen

Dankzij diezelfde samenwerking ontwikkelde ook de industriële vormgeving zich op hoog niveau, hetgeen in mooie en toch betaalbare massaproducten resulteerde. Het meest bekende voorbeeld is wel het Gildeglas van Andries Copier. En wie Copier zegt, doet dat in één adem met Meijdam en Heesen, eveneens beroemde Leerdamse ontwerpers. Veel van het werk waaraan de glasindustrie haar reputatie dankt is in het Nationaal Glasmuseum aan de Lingedijk te bezichtigen, maar ook het werk van de jongste generatie Nederlandse en een aantal buitenlandse glaskunstenaars wordt er geëxposeerd. In het glasvormcentrum van de fabriek worden de pijpen nog vaardig met de hand gerold en de kristallen voorwerpen met de mond tot leven geblazen. In "De Oude Horn", een voormalig watergemaal rustiek aan de Horndijk gelegen, loeien de ovenvuren waarin Willem Heesen en zijn zoon Bernard hun kunstwerken scheppen